Samenwerken op
de Noordzee

Als we samenwerken aan windenergie op de Noordzee, dan pakken we klimaatverandering aan, stoppen we met import uit onbetrouwbare landen en hebben we een alternatief voor gaswinning in Groningen. En het levert nog banen op ook.

Lees online
Download PDF

Blijf op de hoogte van ons nieuws in de strijd voor duurzame energie en tegen klimaatverandering!

Samenwerken op de Noordzee

De Europese Commissie heeft deze periode een eurocommissaris aangesteld die zich specifiek moet gaan bezighouden met de Energie Unie. GroenLinks schreef een jaar geleden al haar visie op die Energie Unie en is blij dat ook de Europese Commissie nu de noodzaak ziet van dit idee. De ontwikkelingen in Rusland onderstrepen maar weer hoe belangrijk het is dat de EU minder afhankelijk wordt van dubieuze regimes voor haar energieverslaving. We kunnen dit alleen gezamenlijk in Europees verband voor elkaar krijgen. Zeker als we vol inzetten op een Duurzame Energie Unie zoals GroenLinks vorig jaar betoogde.

Nederland kan zelf een sleutelrol spelen in het realiseren van die Duurzame Energie Unie. Met het voorzitterschap van de EU in 2016 heeft zij een uitgelezen mogelijkheid om een voortrekkersrol op zich te nemen. Voorzichtigjes aan is Nederland al stappen aan het zetten naar een duurzamere energievoorziening, maar echte grote stappen blijven uit. GroenLinks doet graag een voorzet over hoe we grootschalig werk kunnen maken van windenergie op zee, om zo concrete invulling te geven aan de Energie Unie.

In het Energieakkoord voor duurzame groei hebben ruim 40 organisaties - van industrie tot milieuorganisaties - vastgelegd hoe Nederland 16 procent van haar energie uit hernieuwbare bronnen opwekt in 2023. Het Energieakkoord zet onder andere in op zeewind. De capaciteit van offshore windparken wordt tussen nu en 2023 vervijfvoudigd. De totale capaciteit komt dan overeen met 14 procent van het huidige Nederlandse elektriciteitsgebruik.

De keuze om in te zetten op offshore windparken is verstandig en in Nederland zijn de windcondities gunstig (pdf). Het is ook een perfect alternatief voor investeringen in de zogenaamde gasrotonde. De energiestrategie van de gasrotonde zoals bepleit door Nederlandse regering moet van Rotterdam een doorvoerhaven van aardgas maken. Dit staat lijnrecht tegenover de ambitie om juist minder afhankelijk te worden van landen als Rusland. Immers, het is hun gas dat via die rotonde Europa moet binnenstromen. Ook de huidige discussie rondom Groningen laat zien hoe kwetsbaar het is om een strategie te hebben die volledig op gas leunt.

GroenLinks wil een internationaal geïntegreerd elektriciteitsnetwerk in de Noordzee realiseren. Door slimme verbindingen tussen landen en windparken rondom en op de Noordzee aan te leggen, creëren we een gigantisch productie- en handelsgebied in duurzame energie. Dit drukt de prijs van offshore windenergie en maakt het mogelijk om windparken op zeer grote afstand van de kust te plaatsen. Nederland kan dan als doorvoerland optimaal gebruik maken van haar centraal gelegen positie.


  • Voorbeeld van een North Sea Grid ()

Door in te zetten op het windpotentieel van de Noordzee en een bijbehorend internationaal elektriciteitsnetwerk bereiken we:

de overstap naar duurzame energie

een einde aan de afhankelijkheid van energie uit onbetrouwbare landen

duurzame economische groei en werkgelegenheid

een winstgevend alternatief voor de gasrotonde

een leiderschapspositie in een snelgroeiende wereldwijde markt

Wat is een North Sea Grid?

In vaktermen wordt het idee van een internationaal geïntegreerd elektriciteitsnetwerk in de Noordzee een North Sea Grid genoemd (zie afbeelding 1). Maar wat houdt het precies in?

Een North Sea Grid bestaat uit zogenaamde 'hubs'. Dit zijn een soort stopcontacten op zee, die offshore windparken onderling met elkaar verbinden. Dit maakt het financieel aantrekkelijk om windparken op veel grotere afstand van de kust te plaatsen. Er hoeft namelijk niet voor ieder windpark een eigen dure kabel naar land getrokken te worden, zoals nu nog steeds gebeurt.

  • Afbeelding 1: Een uitwerking van een North Sea Grid ()
    Bron: Nature, International Weekly Journal of Science

Een North Sea Grid verbindt ook de verschillende landen rondom de Noordzee. Uiteraard kunnen deze landen ook andere duurzame bronnen (zoals energie opgewekt uit zon, getijden en aardwarmte) op het netwerk aansluiten. Doordat het netwerk internationaal is, kunnen de aangesloten landen eenvoudig onderling handelen in duurzame stroom. Dat is economisch voordelig - meer aanbod drukt de prijs – en het levert extra zekerheid in de energievoorziening op.

De voordelen van een geïntegreerd energienetwerk op de Noordzee zijn niet onopgemerkt gebleven. De tien landen die aan de Noordzee grenzen hebben zich ondertussen aan dit initiatief verbonden via een intentieverklaring (pdf). Er is veel interesse van investeerders en de Europese Commissie heeft het realiseren van een North Sea Grid benoemd als prioriteit op het gebied van infrastructurele projecten.

Het is nu de hoogste tijd om concrete stappen te zetten en het netwerk daadwerkelijk te realiseren. Alleen dan kan de enorme energiepotentie op de Noordzee optimaal benut worden.

Het potentieel van samenwerken op zee

Op dit moment zijn er 124 offshore windenergie projecten op de Noordzee in ontwikkeling die zich minstens 50 kilometer van de kust bevinden. In totaal hebben deze projecten hebben een capaciteit van 70 gigawatt. Ter vergelijking: in 2011 was het gemiddelde elektrisch vermogen in Nederland 13,3 gigawatt. De markt is dus hard groeiende, maar bevindt zich nog in een beginfase.

Volgens schattingen kan de Europese Unie 460 gigawatt offshore windenergie opwekken in 2050. Dat staat gelijk aan een derde van de totale Europese energieconsumptie in datzelfde jaar. Meer dan de helft hiervan kan op de Noordzee gewonnen worden. Zo verwacht Schotland bijvoorbeeld zeven keer meer energie voor hun kust op te kunnen wekken dan ze zelf nodig hebben.

Zonder een geschikt internationaal netwerk hebben landen geen mogelijkheid om hun overproductie in duurzame energie op de Europese markt af te zetten. Een gemiste kans voor Nederland met haar centraal gelegen positie.

De kosten van offshore wind

Een veelgehoord kritiekpunt op offshore windenergie is dat het te duur zou zijn. Stroom uit kolen en gas is nu inderdaad nog goedkoper. Dit komt doordat niet alle kosten van deze energiebronnen meegerekend worden in de prijs. Fossiele brandstoffen ontvangen indirecte subsidies en ze zorgen voor hoge maatschappelijke kosten door luchtverontreiniging en klimaatverandering, zonder dat de vervuiler daarvoor hoeft te betalen. Offshore windenergie en andere vormen van duurzame energie hebben deze externe kosten niet.

De kosten van windenergie dalen hard. In de laatste 20 jaar heeft een kostafname van 80 procent plaatsgevonden en deze trend zal doorzetten. In het Energieakkoord wordt er van uitgegaan dat een kostprijsdaling van 40 procent bereikt zal zijn in 2023. Dit is geen uniek Nederlands idee. Een Duitse (pdf) en Engelse (pdf) analyse leidde tot dezelfde conclusie. Afbeelding 2 toont de verwachte prijsontwikkeling van offshore windenergie vergeleken met onshore windenergie, gas, kolen en kernenergie.

  • desktop Afbeelding 2: Prijsontwikkeling offshore en onshore windenergie, gas, kolen en kernenergie in MWh ()
    Bron: European Wind Energy Association

Kosten en baten van een North Sea Grid

Met een geïntegreerd energienetwerk in de Noordzee zullen de energiekosten nog verder dalen. De Europese Commissie heeft een kosten-batenanalyse van een North Sea Grid uitgevoerd, volgens drie uiteenlopende scenario's. De scenario's verschillen op het gebied van opwekkingscapaciteit, vraag, CO2-emissieprijzen en brandstofprijzen.

Afbeelding 3 toont de uitkomst van de kosten-batenanalyse. Een internationaal geïntegreerd North Sea Grid vereist eenmalige extra investeringskosten van 4,9 tot 10,3 miljard in vergelijking tot het business as usual scenario. Door deze investeringen ontstaat er meer energiezekerheid: doordat de windstroom in een groter gebied wordt opgewekt kunnen lokale pieken in de vraag en dalingen in het aanbod gemakkelijker opgevangen worden. Landen hoeven dus minder opwekcapaciteit te creëren. Ook hoeven landen niet langer per windpark een dure kabel te leggen. Dit zorgt voor de zogenaamde investment cost reductions in onderstaande afbeelding van 3,4 tot 7,8 miljard.

  • Afbeelding 3: Uitslag kosten-batenanalyse ()
    Bron: Europese Commissie

De groene balken in Afbeelding 3 geven de enorme jaarlijkse besparingen weer die onder elk scenario plaatsvinden (van 1,5 tot 5,1 miljard per jaar). De toename in energiezekerheid zorgt namelijk ook voor jaarlijks terugkerende baten. De afname van CO2-uitstoot levert eveneens financiële voordelen op. Op basis van deze hoge jaarlijks terugkerende besparingen concludeert de kosten-batenstudie dat zelfs onder zeer uiteenlopende omstandigheden de invoering van een North Sea Grid winstgevend zal zijn.

Werkgelegenheid

Het aanleggen van windparken en infrastructuur leidt tot extra werkgelegenheid. Offshore windturbines genereren meer banen dan bijvoorbeeld kolencentrales. Berekeningen van het 'UK Energy Research Centre' tonen dat windenergie twee keer zoveel bruto vacatures per gigawatt-uur oplevert dan elektriciteit uit kolen en gas.

Volgens SEO (pdf) zorgen de huidige plannen voor wind op zee voor 11.716 netto arbeidsjaren. Deze impuls voor de arbeidsmarkt levert een positieve bijdrage aan de welvaart van 29 miljoen euro. De voordelen voor de Nederlandse economie zijn nog groter als een North Sea Grid aangelegd wordt. Het netwerk zal een impuls voor de Europese markt in offshore windenergie betekenen en Nederland spint garen bij die ontwikkeling.


  • ()

NWEA en Ecofys hebben onderzocht wat de impact op de Nederlandse werkgelegenheid is van substantiële groei in de Nederlandse en buitenlandse markt voor offshore windenergie. Zij komen tot de conclusie (pdf) dat het tot een toename in directe en indirecte werkgelegenheid (zoals toeleverende diensten) van 53.750 fte in 2020 leidt. Dit komt voornamelijk doordat bedrijven de in Nederland opgedane kennis naar het buitenland kunnen exporteren.

Exportpotentieel

Nederland is erg succesvol in de buitenlandse markt voor offshore windenergie. Ondanks het feit dat investeringen in de Nederlandse markt zeer beperkt zijn vergeleken met het Verenigd Koninkrijk, België, Duitsland, Frankrijk en Denemarken. In 2010 werd de jaaromzet in de Europese offshore windsector geschat op 4 miljard euro. De Nederlandse offshore-windindustrie hoort qua omzet bij de top: 1 miljard euro in 2010. Nederlandse bedrijven haalden (pdf) in 2010 dus een kwart van de Europese markt binnen.

Bij alle offshore windparken die tot 2011 gebouwd zijn, zijn één of meerdere Nederlandse bedrijven betrokken geweest. AgentschapNL maakte in 2011 bekend (pdf) dat er minstens 138 Nederlandse bedrijven actief zijn in de aanleg, onderhoud en financiering van offshore windparken.

Deze sterke positie is te danken aan het feit dat Nederland specifieke kennis en materiaal bezit om goed overweg te kunnen in ondiep water. Denk bijvoorbeeld aan baggeraars. Windparken (ongeacht de afstand tot de kust) worden altijd op ondiepe plekken aangelegd. Afbeelding 4 toont een analyse van de Nederlandse concurrentiepositie op het gebied van wind op zee.


Afbeelding 5: Historie en verwachting omzet Europese offshore windmarkt ()
Bron: NWEA en Topconsortium Kennis en Innovatie Wind op Zee

Nederland moet ervoor zorgen dat deze positie behouden en verder uitgebreid wordt. De jaaromzet voor de offshore windenergie sector in Europa wordt geraamd op €20 miljard in 2020 en €36 miljard in 2030 - dat is een verwachte groei van 20 procent per jaar. Afbeelding 5 geeft deze verwachte ontwikkeling weer.

Naast het ontwikkelen van een grotere thuismarkt moet Nederland het initiatief nemen in de realisatie van een North Sea Grid. Dat opent een nieuwe markt waar Nederland in voorop kan lopen en het vormt een stimulans voor de Europese offshore windmarkt.

Energieafhankelijkheid

De ontwikkeling van offshore windenergie en een North Sea Grid zorgt dat minder geld uit de EU stroomt. De landen van de Europese Unie betalen per dag één miljard euro aan de import van olie, kolen en gas: in 1990 importeerden we 62 procent van onze energie, in 2008 al 75 procent. Geld dat we veel beter besteden aan zaken als werkgelegenheid, betere zorg en schone energie.

Volgens de laatste schattingen (pdf) van de Europese Commissie is Nederland voor 30,4 procent afhankelijk van energie-import. In vergelijking met andere Europese landen is dit relatief gunstig, de vraag is echter hoe lang dat nog zo blijft. Nu de winning van aardgas steeds moeizamer verloopt, is de energieafhankelijkheid hard aan het toenemen.

Geïmporteerde energie komt vaak uit de meest instabiele hoeken van de wereld. Deze afhankelijkheid verslechtert de positie van Nederland en de EU op het wereldtoneel. Als een groot aantal EU-landen niet zo afhankelijk zou zijn van Russisch gas, zou de EU sterker staan in het conflict met Poetin over de Russische annexatie van de Krim en de invasie in Oost-Oekraïne.

Met de aanleg van een North Sea Grid kunnen we onze eigen energie op de Noordzee winnen, investeren we geld in onze eigen economie en neemt de afhankelijkheid van onbetrouwbare figuren als Poetin af. De huidige plannen van de Nederlandse regering voor de gasrotonde zorgen er juist voor dat we in de toekomst alleen maar afhankelijker van Russisch gas zullen worden.

Hoe zwaar de gasrotonde leunt op Russisch gas blijkt uit de huidige importcijfers. In 2013 importeerde Nederland voor 21 miljard euro aan fossiele energie uit Rusland. Het leeuwendeel van dit bedrag ging naar gas bestemd voor wederuitvoer.


()

De gasrotonde

De regering heeft de zinnen gezet op een manier om ook in de toekomst geld te verdienen aan aardgas. De zogenaamde gasrotonde moet er voor zorgen dat Nederland nog meer Russisch gas kan gaan doorvoeren dan het nu al doet. De Nederlandse Staat heeft al 8,2 miljard euro aan deze strategie uitgegeven.

De Algemene Rekenkamer is met een vernietigend rapport over de gasrotonde gekomen. Zo wordt de conclusie getrokken dat de Nederlandse energievoorziening niet veilig gesteld wordt, Nederland voert het gas alleen maar door en is zelf geen eigenaar. De Algemene Rekenkamer concludeert ook dat het verre van zeker is of de strategie tot economische groei leidt. Russisch gas kan even gemakkelijk in Duitsland en Groot-Brittannië worden opgeslagen en ook België kan als Europees gasknooppunt fungeren.

Het Centraal Planbureau stelde vast dat de raad van bestuur van de Gasunie de negatieve scenario’s heeft weggelaten uit de business case, waardoor de gasrotonde net zo goed verlies- als winstgevend kan zijn. Daarnaast werd bekend dat op de aankoop van een Duits gasnet al een verlies van 1,8 miljard gemaakt is.

Een North Sea Grid als alternatief voor de gasrotonde

Naast het feit dat de investeringen in een gasrotonde onrendabel dreigen te worden en niet voor energiezekerheid zorgen, gaan ze ook volledig voorbij aan het feit dat een groot gedeelte van de bestaande gasvoorraden in de grond moeten blijven als de Europese Unie haar klimaatafspraken serieus neemt.

Een North Sea Grid is een daarom een veel beter alternatief. Door gunstige windcondities kan Nederland meer offshore windenergie opwekken dan de eigen markt nodig heeft. Nederland kan door haar centraal gelegen positie naast eigen stroomoverschotten, ook de overschotten van andere landen doorvoeren.

Noorwegen beschikt bijvoorbeeld over veel natuurlijke hydro-energie, dit zorgt voor lage energieprijzen en maakt het aantrekkelijk om stroom naar de rest van Europa te exporteren. Daarnaast kunnen de Noorse waterkrachtcentrales gebruikt worden voor de opslag van groene stroom. Zodra Europa meer stroom opwekt dan het nodig heeft, kan het gebruikt worden om in Noorwegen water in hoger gelegen bassins te pompen. Vervolgens kan men extra water door de waterkrachtcentrales laten stromen zodra er een piek in de vraag naar elektriciteit is.

Deze Noorse centrales kunnen aangesloten worden op de North Sea Grid waardoor goedkope en 'opgeslagen' energie via Nederland doorgevoerd kan worden. Op deze wijze kan de Europese energiemarkt de voordelen van de hydrocapaciteit in Noorwegen ten volle benutten.

Hoe nu verder?

Om een North Sea Grid werkelijkheid te maken wil GroenLinks investeringszekerheid creëren, de gasrotondestrategie stopzetten, als eerste een stroomkabel door de Noordzee leggen waar meer dan twee landen op aangesloten zijn en zorgen voor de benodigde Europese afstemming tijdens het Nederlandse voorzitterschap van de Raad van Ministers van de EU.

Investeringszekerheid

De voordelen van een North Sea Grid zijn duidelijk. Het benutten van het enorme energiepotentieel op de Noordzee vraagt echter om private investeringen in windmolens en infrastructuur die zich pas op lange termijn zullen uitbetalen. Windparken moeten met elkaar verbonden worden, er moeten verbindingen tussen de windparken en de kust komen, verbindingen tussen verschillende landen en uitbreidingen van het netwerk op land.

Het feit dat private investeringen nodig zijn, verklaart waarom een North Sea Grid nog geen realiteit is en waarom politiek leiderschap noodzakelijk is. Zulke investeringen worden namelijk alleen gedaan als er zekerheid is. Hier ligt een duidelijke verantwoordelijkheid voor de Nederlandse politiek: zij dient te bevorderen dat investeerders de juiste garanties krijgen om een North Sea Grid mogelijk te maken. GroenLinks wil deze garanties geven door de maatschappelijke kosten van fossiele brandstoffen mee te rekenen in hun prijs, ambitieuze doelstellingen voor duurzame energie vast te leggen en het energiebeleid Europees af te stemmen.

Geen gasrotonde

De Nederlandse overheid heeft al teveel geld verspild (8,2 miljard) aan een strategie die het algemeen belang niet dient. De afhankelijkheid van gas uit Rusland neemt door de gasrotonde toe, we concurreren met onze buurlanden in plaats van samen te werken en het rendement is twijfelachtig. Nederland houdt daarom op met deze gokpartij. Het geld dat hierdoor bespaard wordt kan ingezet worden om het alternatief voor de gasrotonde te stimuleren: een North Sea Grid.

Een voortrekkersrol

Het idee achter een North Sea Grid is dat er zoveel mogelijk landen van een stroomkabel door de Noordzee profiteren. Het is hoog tijd dat er een kabel gelegd wordt door meer dan twee landen, bijvoorbeeld een kabel tussen Nederland en Noorwegen met een Duits of Deens windpark erop aangesloten. De techniek hiervoor is al lang gereed, toch is dit nog nergens ter wereld gedaan. Door een voorbeeld te stellen kan Nederland een enorme stimulans aan het North Sea Grid project geven. De Nederlandse regering moet dus initiatief nemen op dit gebied, maar is uiteraard ook afhankelijk van samenwerking met de andere landen rondom de Noordzee. Duurzame energiediplomatie op Europees niveau is dus noodzakelijk.

Europese afstemming

Er zijn ondertussen al enkele plannen voor het leggen van bilaterale kabels in de Noordzee. Zo komt er bijvoorbeeld de COBRA-kabel tussen Nederland en Denemarken. Het leggen van zo een kabel is een enorme investering waarbij ervan uitgegaan wordt dat de kabel 40 jaar in gebruik zal zijn. Het is onrendabel om dit soort kabels in een later stadium boven water te halen om er een windpark op aan te sluiten. De voorbereidingen voor de benodigde aansluitstations zouden van te voren getroffen moeten zijn. De plannen om een Duits windpark in het COBRA-project te betrekken zijn uiteindelijk van tafel gegaan vanwege regelgevende barrières zoals uiteenlopend subsidiebeleid in de betrokken landen. Dit soort barrières moeten snel worden opgeruimd.

  • desktop
    Afbeelding 6: De COBRA-kabel waar een Duits windpark op aangesloten had kunnen worden ()
    Bron: TenneT

Prioriteit tijdens het voorzitterschap

In 2016 is Nederland de voorzitter van de Raad van Ministers van de EU. De regering heeft aangegeven zich te willen richten op regionale samenwerking, duurzame energie en versterking van de energie-infrastructuur tijdens het Nederlands voorzitterschap, om de interne energiemarkt te 'voltooien'. Met concrete voorstellen is de regering nog niet gekomen. Een North Sea Grid past precies binnen deze voornemens. GroenLinks stelt voor hiervan een prioriteit te maken tijdens het Nederlandse voorzitterschap. De regering moet ervoor ijveren dat de landen rondom de Noordzee met een gedeelde visie komen over de voortzetting van het North Sea Grid project, regelgevende barrières worden weggehaald en de eerste kabel wordt gelegd waar meer dan twee landen bij betrokken zijn. Dan hebben ons klimaat en onze energiezekerheid maximaal profijt van de Noordzeewind.