Inhoudsopgave

1. Inleiding

Waarom een Groene EnergieUnie?

In 1952 begonnen zes staten, waaronder Nederland, de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal. Ze gingen een gemeenschappelijk beleid voeren voor steen- en bruinkool. In 1957 werd met het Euratom-verdrag ook kernenergie onder Europees beleid gebracht. Het waren zijn de energiebronnen van de 20e eeuw.

Onze honger naar steeds meer betaalbare energie maakt dat we onze fossiele energiebronnen van de gekste plaatsen halen. Meest recente dieptepunten zijn olie van de Noordpool, gas van dictator Poetin, teerzandolie uit Canada en het zotte risico dat onze waterbronnen vervuilen door schaliegasboringen. De fossiele sector van olie-, gas- en kolenbedrijven zit in het nauw en komt daarom nu onder andere met mooi opgeleukte plannen om biobrandstoffen te maken van gewassen die eigenlijk mensen moeten voeden. De oerwouden die hiervoor gekapt worden nemen ze op de koop toe.

We weten inmiddels dat deze fossiele energiebronnen eindig zijn. En we zien steeds duidelijker welke verwoestende gevolgen ons energiegebruik heeft voor de planeet. Toch betalen de landen van de Europese Unie per dag één miljard euro aan olie, kolen en gas uit andere landen: in 1990 importeerden we 62% van onze energie, in 2008 al 75%1. Geld dat we veel beter besteden aan zaken als meer werk, betere zorg en schone energie.

Hoog tijd dus voor een 21e eeuwse visie op energie. Daarom de Groene EnergieUnie. Want als de EU de handen ineen slaat en eensgezind handelt op de wereldenergiemarkt, levert dat banen op voor Europese burgers. We krijgen weer een technologische en economische voorsprong voor Europa in de wereld. De Europese landen zijn niet langer chantabel voor olie- en gasstaten. En Europa neemt weer een voortrekkersrol op zich in de strijd tegen klimaatverandering.

Op eigen houtje lukt het niet...

  • ...want Nederland heeft zelf niet genoeg groene energie
    Het is niet zeker dat Nederland in 2050 al zijn energie zelf kan opwekken uit eigen duurzame bronnen. Mogelijk haalt ons land slechts de helft.2 Andere Europese landen kunnen juist veel meer opwekken dan ze zelf nodig hebben: rond de Middellandse Zee met zon, ten noorden van ons met wind en waterkracht. Bovendien hangt de geproduceerde hoeveelheid groene energie af van het weer en de seizoenen. Als we genoeg windmolens op zee neerzetten, kan Nederland op een winderige dag ook elektriciteit exporteren. Daarom is het belangrijk om zoveel mogelijk zelf te kunnen én in Europa goed samen te werken. Zo profiteren we van elkaars productiepieken en helpen we elkaar met vraagpieken.

  • ...want een slim vervlochten Europees netwerk kan pieken en dalen goed benutten
    ‘Smart grid’ is niet zomaar een mooie term. Slim ingerichte energienetwerken, die moeiteloos en grenzeloos met elkaar communiceren en anticiperen op pieken in zowel de energievraag als het energieaanbod, kunnen tegen een stootje. Dat zorgt voor leveringszekerheid met duurzame energiebronnen die wat grilliger zijn dan een vuile kolencentrale of gevaarlijke kerncentrale die altijd aan staat.

  • ...want één Europees energienetwerk is goedkoper dan 28 losse netwerkjes
    Alle duurzame energienetwerken goed met elkaar verknopen is nodig om overal op tijd voldoende energie te krijgen. En dan is het slim om dat netwerk te kunnen ontwerpen zonder rekening te hoeven houden met landsgrenzen. Een gezamenlijke aanleg van de missing links in dat netwerk is bovendien veel goedkoper. Want stel je voor dat wij willen profiteren van Spaanse zonnecentrales, dan is het verreweg het handigst om een bestaande stroomkabel te gebruiken die via Frankrijk en België loopt, dan zelf een kabel door de oceaan naar Nederland te moeten trekken.

  • ...want de grootste opgave ligt bij grensoverschrijdend verkeer en vervoer
    Verkeer en vervoer in Europa (auto’s, vrachtwagens, treinen, vliegtuigen) zijn grote energieverbruikers. De vraag naar vervoer stijgt nog steeds, het energieverbruik ook. Als er niks gebeurt slokt met name de groeiende luchtvaart alle vooruitgang in energie-efficiëntie op die we elders maken. Nederland is transportland, dus is het belangrijk dat de transportmarkt een gelijk speelveld blijft terwijl deze in snel tempo vergroent. Daarvoor moeten overal dezelfde duurzaamheidseisen gesteld worden en dient overal aan dezelfde regels voldaan te worden.

De Groene EnergieUnie in een notendop

De Groene EnergieUnie is een radicale keuze voor:

  • meer bevoegdheden naar Brussel om Europa energie-onafhankelijk te maken en met één stem te handelen op de wereldenergiemarkt

  • investeringen in groene energiebronnen en een einde aan steun voor fossiele industrieën

  • vérgaande energiebesparing op alle fronten zodat we snel afkicken van Russisch gas

  • burgers die beslissen en profiteren, bedrijven die investeren

2. Vier harde keuzes voor de Groene EnergieUnie

Keuze 1: voor de Groene EnergieUnie gaan bevoegdheden naar Brussel

Het EU-verdrag en het Werkingsverdrag vormen het fundament onder de Europese Unie. Daarin staat welke bevoegdheden de Unie heeft ten opzichte van de lidstaten. Momenteel verhindert de tekst vergaande integratie van de Europese energiemarkten en netwerken. Dit heeft als resultaat dat de EU met 28 monden spreekt op de energiemarkt, iedere lidstaat zijn eigen belangen voorop zet én zichzelf maar moet zien te redden. Terwijl de energiemarkt een wereldwijde markt is, want het gas, de kolen en de olie waarop onze samenleving draait halen we grotendeels van buiten Europa. Daardoor walsen twijfelachtige figuren als Poetin en Arabische oliesjeiks over ons heen. Ze spelen de Europese lidstaten uiteen.

In de afgelopen jaren waren Oekraïne en Rusland al vaker verwikkeld in conflicten over hoog oplopende gasrekeningen. De belangrijkste gasleidingen van Rusland naar Europa lopen via Oekraïne. Draait Rusland de gaskraan dicht om Oekraïne tot betalen te dwingen, dan wordt ook de EU geraakt: huishoudens komen zonder verwarming te zitten en fabrieken komen stil te liggen. In 2009 overkwam dat Bulgarije, Roemenië, Slowakije en Tsjechië.

In een poging om van deze kwetsbaarheid af te komen, investeerden diverse EU-lidstaten en Rusland in gasleidingen die niet door Oekraïne heen lopen: Nordstream, Bluestream en Southstream. Voor de geplande Southstream-leiding is echter een alternatief beschikbaar: de Nabucco-gasleiding. Deze voert geen Russisch gas aan, maar gas uit de regio ten zuiden van Rusland. Dit zou Europa minder afhankelijk maken van de grillen van Poetin.

Lidstaat Bulgarije is niet blij met Nabucco, omdat Southstream in Bulgarije Europa binnen komt. Dat geeft Bulgarije als eerste afnemer meer leveringszekerheid, zo denkt de regering in Sofia, en een belangrijke stem in Europese beslissingen over de gasleiding. Bulgarije heeft daarom aangedrongen op het verkleinen en verwateren van de Nabucco-plannen en kreeg daarin voldoende lidstaten mee. Inmiddels wordt met de aanleg van Southstream een begin gemaakt en wordt over Nabucco nog steeds gepraat. Door het ontbreken van een stevige EU-samenwerking voor energie zijn de lidstaten uit elkaar gespeeld. Het resultaat is goed voor Bulgarije - zolang Sofia de onberekenbare Poetin te vriend houdt - maar niet goed voor de Europese Unie.

Wat wil GroenLinks concreet?

GroenLinks wil de EU-verdragen openbreken. Dat is toch al nodig voor een goede oplossing van de eurocrisis. In het nieuwe verdrag regelen we het volgende:

  1. Het Euratomverdrag, waarin samenwerking voor kernenergie geregeld is, wordt geschrapt. Bepalingen over nucleaire veiligheid verhuizen naar het Werkingsverdrag. De EU-landen spreken af dat de laatste kernreactoren uiterlijk in 20403 uitgeschakeld worden. Dit betekent vooral voor Frankrijk en België dat zij flink moeten investeren in andere, duurzame energieopwekking.

  2. Artikel 194/2 wordt uit het EU-Werkingsverdrag geschrapt. Daarin staat namelijk dat lidstaten soeverein zijn in cruciale beslissingen over de energiemix in hun land. Dit hindert Europa om een echt duurzame energietransitie voor elkaar te krijgen4. Met het schrappen van 194/2 krijgt de Europese Unie veel meer armslag om vergaande maatregelen op energiegebied te nemen.

  3. Er komt een nieuw hoofdstuk in het EU-Werkingsverdrag waarin de Groene EnergieUnie opgericht wordt. Daarin is in elk geval opgenomen:

    1. de verplichting om alle Europeanen van energie te voorzien

    2. de doelstelling om Europa vanaf 2030 energie-onafhankelijk te maken, wat wil zeggen dat de energie die we nodig hebben binnen de eigen grenzen opgewekt wordt

    3. de doelstelling om alle binnen de eigen grenzen opgewekte energie uit duurzame bronnen te halen

    4. het principe dat kleinschalige, decentrale en lokale energieopwekking in eigen beheer van burgers de voorkeur verdient boven grootschalige, gecentraliseerde opwekkingsinstallaties

    5. een vetorecht voor de Europese Commissie over bilaterale energieovereenkomsten tussen lidstaten en derde landen

    6. de bevoegdheid voor de Europese Unie om de energiemarkt, het energienetwerk en opwekkingsfaciliteiten in te richten volgens de eigen klimaat- en energierichtlijnen; daarbij hoort medebeslissingsrecht van het Europees Parlement, om de democratische controle te verzekeren

De hier voorgestelde verdragswijziging moet in een EU-wijd referendum worden voorgelegd aan de Europese burgers, vindt GroenLinks.

Wat betekent dit in de praktijk?

  1. Bilaterale afspraken over energie tussen lidstaten onderling of tussen lidstaten en derde landen worden zoveel mogelijk vermeden. De Europese Commissie heeft op z’n minst het recht van veto over energieafspraken waar zij niet zelf bij betrokken is.

  2. Als er tijdens handelsmissies van EU-landen naar derde landen afspraken worden gemaakt over energie of energiewinning, moeten die voortaan binnen de kaders van de Europese energiestrategie passen. Beter nog is als de Europese Unie het voortouw neemt in zulke energiedelegaties. Bij de handelsmissie naar Rusland die minister Kamp in april 2014 pas onder druk van de Tweede Kamer opschortte5, zouden afspraken gemaakt worden over olie- en gashandel tussen Nederland en Rusland. Voortaan zijn zulke bilaterale afspraken alleen geldig als ze in lijn zijn met de Europese energiestrategie.

  3. bij de bouw van energiecentrales, windmolenparken etc. gaat de Europese Commissie meekijken met vergunningverlening, financiering (staatssteun), etc. Zij checken onder andere of de bouw hiervan nodig is, bijdraagt aan een energie-onafhankelijk Europa en bijdraagt aan vergroening van de Europese energievoorziening

Wat is de eerste stap?

Een verdragswijziging kost veel tijd, en zal veel discussie opwerpen. Maar Poetin staat nu al met zijn hand aan de gaskraan. Daarom gaan we intussen alvast aan de gang met het verduurzamen van Europese energieopwekking en het met één mond spreken in internationale energie-onderhandelingen. Daar zijn al mogelijkheden toe onder artikel 194/1 van het Verdrag van Lissabon (zie bijlage 1), maar lidstaten moeten mee willen werken en er is een stevige, initiatiefrijke Eurocommissaris voor Energie voor nodig. Voor GroenLinks en de Europese Groenen is dat een belangrijke toetssteen bij de goedkeuring (of afkeuring) van de nieuwe Europese Commissie door het Europees Parlement in het komend najaar. We zullen de kandidaat-Eurocommissaris voor Energie stevig aan de tand voelen en zijn of haar mandaat tegen het licht houden. We hebben een echte Europese Energieminister nodig die met volle kracht aan de Groene EnergieUnie wil werken om tegenwicht te bieden aan Poetin.

Keuze 2: Nederland stopt met de gasrotonde, want we investeren alleen in duurzaam

Investeren in energievormen die niet op de lange termijn toekomstbestendig zijn, is onverantwoord. Voor een antwoord op het energie- en klimaatvraagstuk hebben we alle investeringskracht van bedrijfsleven en overheid hard nodig. Het past niet om te proberen de stervende olie- kolen- en gassectoren te redden, want de fossiele grondstoffen die hun basis vormden zijn eindig.

Toch is dat precies wat er gebeurt: een kat in het nauw maakt rare sprongen. De fossiele industrie heeft een flinke vinger in de pap bij regeringen. Er komen daarom de meest bizarre en geldverslindende ideeën langs. Bijvoorbeeld om te investeren in schaliegas (met risico op watervervuiling), of ruim baan te geven aan extra klimaatschadelijke olie uit Canadese teerzanden.

De olie- en gassector zijn het kantelpunt voorbij en zullen flink slinken. Dat is een goede zaak voor de toekomst van de Europese energie, en een zegen voor alle wereldbewoners die de effecten van klimaatverandering steeds heviger merken6. Aan de mensen die nu nog in de fossiele sector werken zijn we verplicht te zorgen voor nieuwe werkgelegenheid in een sector die aan het opkomen in plaats van aflopen is.

De Nederlandse regering doet er daarom goed aan om bijvoorbeeld Rotterdamse olieraffinaderijen die op halve kracht draaien of sluiten7 te zien als teken aan de wand. En (wederom Russische) Noordpoololie te weren uit onze havens, omdat het nutteloze levensverlenging is. Ook de investeringen die Nederland momenteel doet voor de Gasrotondestrategie zijn een heel goed voorbeeld van hoe het niet moet. Nu Poetin met één hand op de gaskraan dreigt Oekraïne en een deel van de EU in de kou te zetten8, wordt eens temeer duidelijk hoe riskant het is om onszelf afhankelijk te houden van energie die we niet zelf opwekken. Vanaf 2023 kan Nederland niet meer voldoende gas produceren om in haar eigen behoefte te voorzien9. Het antwoord van de regering (een pijplijn naar Rusland) zorgt juist voor meer onzekerheid en afhankelijkheid, niet voor leveringszekerheid in Nederland en de EU. En gas is een fossiele brandstof, dus verre van duurzaam.

In de Groene EnergieUnie is geen plaats voor met schaliegas gevulde proefballonetjes of met olie besmeurd winstbejag van stervende sectoren. De Groene EnergieUnie kijkt voorbij korte termijn, eigenbelang en aandeelhouders. De Groene EnergieUnie heeft een agenda voor toekomstbestendige, schone energie die niet bijdraagt aan klimaatverandering. Onze energie kan op ons eigen continent worden opgewekt. En de teelt van grondstoffen voor eventuele biobrandstoffen gebeurt ook in Europa, mits ze echt duurzaam zijn, zondnadelige effecten op natuur en voedselvoorziening. Alleen zo worden we duurzaam energie-onafhankelijk.

Na de ontdekking van de gasbel onder Groningen is Nederland in bewonderendswaardig rap tempo overgeschakeld van ouderwetse brandstoffen (kolen, petroleum, turf) naar gas. Een schonere en gezondere manier om te koken en onze huizen te verwarmen. Met prachtige reclamecampagnes10 werd het kritische (en soms onwillige) Nederlandse volk warmgemaakt voor deze brandstof van de toekomst.

Inmiddels weten we dat zelfs de Groningse gasbel aan het opraken is. Het verstoken van aardgas draagt bij aan de opwarming van de aarde. Bovendien schudt Groningen letterlijk al tijden op haar grondvesten door de gaswinning en weten we inmiddels ook hoe lastig het is om los te komen van onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. De Nederlandse overheid denkt dit probleem op te lossen met de Gasrotondestrategie. Er worden miljarden geïnvesteerd in gaspijpleidingen in binnen- en buitenland, ondergrondse gasopslag en haventerminals waar vloeibaar aardgas (LNG) overgeslagen kan worden. De regering hoopt hiermee de gasdealer van Noordwest-Europa te worden, waar iedereen (ook Rusland) z’n gas heen wil pompen en ook van wil kopen. Daarmee is volgens de regering ook de leveringszekerheid van het aan gas gewende Nederland voorlopig veilig.

De Algemene Rekenkamer oordeelde in 201211 dat er van alles rammelde aan de Gasrotondestrategie. Zo heeft de regering helemaal niet nagedacht over alternatieven voor gas en is niet goed uitgezocht wat de kosten, baten en financiële risico’s zijn. De Staat heeft een monopolie op het gasnet en de ministers van Financiën en Economische Zaken konden dan ook zonder enige kritische onafhankelijke toetsing hun gang gaan. Ook informeerden zij de Tweede Kamer niet volledig genoeg en zij probeerden zelfs de NMa (de mededingingsautoriteit die in het geval van een monopolie nog enigszins onafhankelijk de tarieven probeert te bepalen) buitenspel te zetten. De rechter moest eraan te pas komen om de ministers terug te fluiten.

Wat wil GroenLinks concreet?

  1. De Europese Unie en al haar lidstaten stoppen met elke vorm van steun aan traditionele fossiele energiebedrijven, ook indirecte steun zoals lagere belastingen.

  2. De kolen-, olie-, gas- en kernenergiesectoren worden gecontroleerd afgebouwd. We werken toe naar een Europa waarin kolen, olie en gas alleen nog worden gebruikt als industriële grondstoffen zolang er geen betere alternatieven voor zijn.

    1. Financiële verliezen worden gecontroleerd afgeschreven. Daarmee betalen fossiele bedrijven de schulden op mens, milieu en klimaat af die nooit in rekening gebracht werden door regeringen die hen de hand boven het hoofd hielden.

    2. De afbouw is gebaseerd op een langetermijnplan waarin leveringszekerheid voor alle Europeanen centraal staat en alle energiegebruikers tijd hebben om over te schakelen op duurzame energiebronnen.

  3. Om de transitie naar een volledig duurzame energievoorziening voor elkaar te krijgen en te zorgen dat iedereen altijd van energie voorzien is, zorgt de EU ervoor dat energienetwerken beter met elkaar verknoopt worden.
    1. Elektriciteit is steeds beter duurzaam op te wekken. Daarom investeert de Europese Unie in een toekomstbestendig elektriciteitsnetwerk.
      1. Bij het ontwerp hiervan zijn de grenzen tussen landen en de autonomie van netwerkbedrijven van geen enkel belang.

      2. Bij het ontwerp van het netwerk heeft kleinschalig, lokaal opgewekte elektriciteit voorrang.

    2. De EU investeert ook in infrastructuur voor andere vormen van duurzame energie. Denk aan geothermie, restwarmte van de industrie, etc. Toetsingscriteria zijn in elk geval:

      1. Dat de energievorm nuttig en nodig is, bijvoorbeeld om gebouwen te verwarmen of als brandstof voor voertuigen waarvoor elektriciteit geen optie is

      2. Dat de energievorm niet van eindige bronnen afhankelijk is

      3. Dat productie, transport en gebruik van de energievorm geen nadelige gevolgen hebben voor mens, natuur en milieu, waar ook ter wereld, nu en in de toekomst.

    3. Er komt een totaalplan met gefinancierde uitvoeringsagenda voor de afbouw van de infrastructuur voor olie, kolen en gas in Europa.

      1. Nieuwe infrastructuur die nodig is tijdens de transitie is altijd van tijdelijke aard en wordt alleen aangelegd na een grondige toetsing op nut en noodzaak.

      2. Bij elk project dat de toets op nut en noodzaak doorstaat komt een sloopplan.

      3. Bij elke investering in noodzakelijke fossiele infrastructuur komt een verplichte bijdrage aan een nieuw Europees sloopfonds voor overbodige energieinfrastructuur. Daarmee worden bijvoorbeeld gaspijpleidingen, olieraffinaderijen, opslagtanks en overslagterminals gecontroleerd en milieuvriendelijk gesloopt wanneer zij overbodig zijn geworden.

  4. De Europese Unie krijgt de leiding over een masterplan duurzame energieopwekking:

    1. De Europese Commissie komt met een uitvoeringsplan om uiterlijk in 2050 volledig overgeschakeld te zijn op duurzame energie van eigen continent. Daarbij wordt de potentiële duurzame opwekkingscapaciteit van elke lidstaat geoptimaliseerd om het hele continent te allen tijde te kunnen voorzien van voldoende duurzaam opgewekte energie die zo dicht mogelijk uit de buurt komt. Zo kunnen we onszelf ruimschoots voorzien van alle duurzame elektriciteit die we nodig hebben. Voor specifieke toepassingen (in transport, industrie en verwarming bijvoorbeeld) kan nog een kleine hoeveelheid fossiele bronnen nodig zijn.


      Screenshot 1
    2. De Europese Unie krijgt het mandaat om deze agenda daadwerkelijk uit te voeren. Lidstaten hebben geen veto, zodat een enkele lidstaat de agenda niet kan verpesten voor de hele EU. De Raad van Ministers besluit dus bij gekwalificeerde meerderheid van stemmen over wetgeving ter uitvoering van de agenda; het Europees Parlement krijgt medebeslissingsrecht.

    3. Er komt een Europese winstbelasting voor de activiteiten van energiebedrijven die, direct of indirect, te maken hebben met olie, kolen, gas. Deze extra winstbelasting begint op 20% in 2020 en stijgt elk jaar met 1%. Hierdoor wordt winst maken op ongewenste energievormen steeds minder aantrekkelijk, en het geeft bedrijven de kans om zichzelf te vergroenen. Bovendien betalen de bedrijven zelf. Met de opbrengsten van deze belasting financiert Europa duurzame energie-opwekkingsvormen.

    4. Fossiele voorraden waarvan we nu al weten dat ze in de aarde moeten blijven zitten om binnen de internationaal afgesproken bovengrens van twee graden opwarming te blijven (de zogenaamde carbon bubble, een potentiële bom onder het wereldwijde economisch bestel12) krijgen per direct een Europese winstbelasting van 80%. Zo wordt de businesscase onder deze voorraden weggehaald en zijn deze bronnen niet economisch interessant. Het percentage staat zo hoog omdat Europa een voorbeeld moet stellen voor deze voorraden, die wereldwijd voorkomen.

  5. Het grootste energieverbruik van huishoudens zit in verwarmen, koelen en koken. Dat zullen we niet allemaal elektrisch kunnen maken of weg kunnen isoleren13. Daarom gaat Europa investeren in technieken als geothermie, zonnewarmte, warmteopslag en warmtewisselaars.

  6. Biomassa is onder andere nodig om te helpen huizen te verwarmen en vrachtwagens te laten rijden. Sommige biomassastromen gaan echter ten koste van natuur, concurreren met voedselgewassen of hebben een slechtere klimaatprestatie dan fossiele brandstoffen. Europa past alleen goede biomassastromen toe. Voor veel sectoren geldt biomassa als de ‘silver bullet’ die grondige transities overbodig zou maken. Er zijn echter nooit genoeg goede biomassastromen om aan al deze vraag te voldoen. Europa is zuinig op de goede biomassa die we kunnen krijgen, en zorgt voor hoogwaardige toepassingen in sectoren waar alternatieven niet of nauwelijks voorhanden zijn. Dit zal met name voor transport en deels voor industrie en verwarmingstoepassing gelden. Voor elektriciteitsopwekking zijn meer dan voldoende alternatieven voorhanden. We halen zo veel mogelijk biomassastromen van ons eigen continent.

    1. Europese richtlijnen schrijven strikt voor welke vormen van biomassa voor energie duurzaam genoeg zijn. Als die toets doorstaan wordt, stimuleert de EU deze vormen. Uitgangspunten zijn:

      1. de benodigde biomassa kan op eigen continent geteeld worden zonder import van grondstoffen

      2. de benodigde biomassa kan op bestaand landbouwareaal geteeld worden zonder te concurreren met voedselgewassen. Dit kan alleen als we aanzienlijk minder vlees en zuivel gaan eten

      3. de benodigde biomassa kan geproduceerd worden zonder nadelige effecten op natuur en milieu

    2. Europees landbouwbeleid en daarbij behorende budgetten worden volledig herzien op basis van energie- en klimaatdoelen. De volgorde van prioriteiten voor de landbouw is voortaan:

      1. het op eigen continent biologisch telen van voldoende, veilig en eiwitrijk plantaardig voedsel voor alle Europeanen, een beperkte veestapel en export. Daarmee wordt ook de klimaatbelasting van de landbouw aanzienlijk verminderd. Biologisch betekent dat pesticiden en genetisch gemodificeerde gewassen niet toegestaan zijn14.

      2. duurzaam en verantwoord telen van biomassa om de transportsector van broodnodige klimaatvriendelijke alternatieven te voorzien en om in noodzakelijke energiecentrales gebruikt te worden. Duurzaam en verantwoord betekent binnen bestaand Europees areaal, zonder import van grondstoffen uit andere werelddelen en met waarborgen die concurrentie met voedselgewassen voorkómen.

Wat betekent dit in de praktijk?

  1. Het Europees Parlement en de lidstaten besluiten samen dat de Europese Unie vergaande bevoegdheden over het energienetwerk krijgt. Ze geven de mogelijkheid op om met een veto de binnenlandse energiebelangen veilig te stellen en zorgen voor een Europese energieagenda die voor iedereen de beste oplossing bevat. Alle nationale besluiten die met energie te maken hebben zullen op z'n minst getoetst worden aan de Europese energieagenda. Zou zo’n Europese toets vooraf bij de Nederlandse Gasrotondestrategie verplicht zijn geweest, dan was deze waarschijnlijk nooit doorgegaan. Zonder Russisch gas is de Gasrotonde immers niet levensvatbaar en de Gasrotonde is niet in het belang van de overgang naar een volledig duurzame, Europese energievoorziening.

  2. De Europese energiesector zal op zijn grondvesten schudden, want de macht van bedrijven wordt ingeperkt en de winst op fossiele activiteiten wordt afgeroomd. Dat er bedrijven zullen omvallen, accepteren we. Het banenverlies is beperkt, omdat er in de fossiele energiesector helemaal niet zoveel mensen werken. Er komen vele malen meer nieuwe banen bij door de Groene EnergieUnie dan er verloren gaan15


    Afbeelding 2
  3. De nieuw op te bouwen energiesector wordt decentraal, omdat mensen gestimuleerd worden om zelf energie op te wekken. Steeds meer mensen krijgen een eigen stukje van het Europese energiesysteem in handen. Daarmee is de macht eerlijker verdeeld.

Wat is de eerste stap?

Voor veel van de maatregelen zal eerst een verdragswijziging nodig zijn (zie keuze 1). Intussen zorgt GroenLinks ervoor dat de plannen klaarliggen voor als het zover is. GroenLinks zoekt naar elke mogelijkheid om delen van het plan vast in te zetten. Onder Artikel 194/1 van het Werkingsverdrag begint GroenLinks met het maken van concrete plannen voor een Europees duurzaam energienetwerk. We berekenen hoeveel energie Europese burgers zelf kunnen opwekken en ontwerpen een netwerk waarmee die energie over heel Europa verdeeld kan worden. In dat ontwerp staat de benodigde bekabeling (liefst ondergronds), zonder oog voor landsgrenzen en met respect voor mens en natuur. Ook staan er zonnecentrales, windparken en waterkrachtcentrales in. Op strategische en rendabele plekken, zodat overal in Europa het licht blijft branden.

Een maatregel die GroenLinks zo snel mogelijk wil invoeren, is de Europese winstbelasting op activiteiten van energiebedrijven die met gas, kolen, olie en kernenergie te maken hebben. Momenteel kunnen lidstaten belastingvoorstellen met een veto blokkeren. In afwachting van de Verdragswijziging uit keuze 1, die dit veto zou wegnemen, beginnen we met een kopgroep van EU-landen16 die intensief samenwerkt en alvast begint met de winstbelasting.

De afbouw van gasinfrastructuur kan ook per direct beginnen, omdat Europa nu al steeds minder gas verbruikt. De huidige capaciteit is nu allang voldoende voor tot en met 2050. Bovendien wordt er ook steeds minder gas geproduceerd binnen Europa17. We laten de gasconsumptie niet meer groeien en bouwen de import van gas af (zie keuze 3 voor de uitzondering voor missing links).

Keuze 3: de Russische gaskraan kan in 2035 dicht dankzij radicale energiebesparingen

De Europese Unie heeft terecht sancties opgelegd aan Rusland vanwege de Russische agressie tegen Oekraïne. Poetins landjepik bedreigt de vrede op ons continent. 81% van de Russische gasexport gaat naar Europa18 en de 33 miljard euro die wij daarvoor betalen is de economische kurk waar het regime van Poetin op drijft. In totaal financiert de energiebonanza meer dan de helft van de Russische begroting. Als de EU nú besluit om te gaan afkicken van Russisch gas, is dat een gevoelige tik voor Poetin en de oligarchen op wie hij steunt.

Maar als Poetin de gaskraan naar Oekraïne dichtdraait, heeft Europa een acuut probleem. Want de belangrijkste gasleidingen naar Europa lopen via Oekraïne, en we hebben voor slechts 45 dagen gasreserves19. Een noodplan voor dit scenario is er niet, wat zou betekenen dat Europese burgers zonder warmte en Europese fabrieken zonder energie komen te zitten.

In Europa produceren we ook zelf gas. De Groningse gasbel is de grootste Europese gasreserve, en ook de Noren produceren gas. Verder importeren we vooral veel gas: 30% komt uit Rusland20. En trouwens ook 30% van onze kolen en olie.

Nu Poetin zijn ware aard laat zien, zijn Europese leiders eindelijk serieus op zoek naar een alternatief voor Russische fossiele energie, en dan met name voor Russisch gas.

Quick fixes zijn er niet. Op korte termijn zijn er geen afdoende oplossingen:

  1. De gasvelden van Nederland en Noorwegen zijn over hun productiepiek heen, en kunnen nauwelijks méér gaan produceren. En we weten inmiddels wat er met Groningen gebeurt als we dat toch doen.

  2. Extra importcapaciteit is niet zomaar gerealiseerd. Nieuwe pijpleidingen of LNG-terminals kosten jaren om te bouwen. Bovendien begint gas schaars te worden op de internationale energiemarkt, en zijn er steeds meer kapers op de kust.

  3. Nieuwe bronnen ontwikkelen is nauwelijks mogelijk in Europa. Er is terecht veel verzet tegen de hevige milieu-effecten van schaliegaswinning. De voorraden aan winbaar schaliegas in de bodem blijken ook steeds duidelijker tegen te vallen en zouden realistisch gezien misschien 3% van het gasaanbod kunnen overnemen. Met het vele verzet worden deze kleine voorraden gelukkig steeds minder interessant om te ontginnen. In het oosten van de Middellandse Zee zijn ook nieuwe aardgasvelden ontdekt. Hoe groot ze zijn weet niemand nog, en het wordt een politiek steekspel tussen Israël, Palestina, Libanon, Grieks- en Turks-Cyprus en Turkije om te bepalen wie recht heeft op die voorraden.
    Voor alle nieuwe bronnen geldt bovendien dat het jaren en jaren duurt voor ze enigszins relevante volumes gaan produceren - als ze daar überhaupt al toe in staat zullen zijn.

Elk van deze opties vergt naast tijd ook investeringen. Op de steeds krappere wereldmarkt voor gas kunnen aanbieders tegelijk ook steeds hogere prijzen voor hun waar gaan vragen. De Europese industrie klaagt nu al over de hoge gasprijzen, terwijl Azië al met plezier hogere bedragen neertelt voor gas dan wij momenteel doen.

Het is daarom logischer om te investeren in energie-onafhankelijkheid, zeker wat betreft gas. Europa is daar te laat mee begonnen, tevreden met haar eigen gasbronnen en Russische import. Nog steeds is er daardoor geen overtuigende, samenhangende Europese strategie voor energie-onafhankelijkheid.

Wat wil GroenLinks concreet?

GroenLinks kiest voor de best mogelijke, no-regret strategie: buitenlandse, Russische fossiele brandstoffen zo snel mogelijk overbodig maken door radicaal energie te gaan besparen. Elke Europese investering moet op dat doel gericht worden. Dat kost geld, maar levert ook direct geld op dat niet meer naar Rusland gaat.

Wanneer kan de gaskraan uit Rusland dicht? De EU verbruikte in 2012 444 BCM (billion cubic metres) aan aardgas. Daarvan importeren we een kwart tot een derde uit Rusland. Een derde producren we zelf, maar die productie loopt terug. Het overig benodigde volume importeren we uit andere werelddelen.

In 2050 mag het verbruik van Europa nog maximaal 38 BCM21 zijn om te voldoen aan de afspraak over maximaal twee graden opwarming van de aarde. We importeren dan maximaal 12 BCM van buiten de EU22 en produceren de overige 24 BCM zelf door zuinig om te springen met onze eigen bronnen.

Om dit in 2050 haalbaar te maken, daalt de totale Europese gasimport dankzij forse energiebesparing in Europa van 274 BCM in 2008 naar 267 BCM in 2020, 211 BCM in 2030 en 114 BCM in 2040.

In 2035 importeren we dus ongeveer 165 BCM, en dat doen we zonder Russische bronnen. 165 is iets meer dan de huidige ongeveer 150 BCM die we uit niet-Russische bronnen importeren. Er zijn ruim voldoende mogelijkheden om de import uit andere werelddelen in 2035 op peil te houden voor de Europese vraag, maar die mogelijkheden zijn sterk afhankelijk van allerlei lastig te voorspellen politieke ontwikkelingen:

  • 49-65 BCM uit Noord-Afrika, afhankelijk van de ontwikkelingen in Libië. Nadeel: politiek onrustige regio

  • 10 BCM via de in 2020 operationele TANAP pijplijn richting Azerbeidjan en de Kaspische Zee regio. Deze lijn is mogelijk nog uit te breiden naar 20 BCM indien we willen uitbreiden naar Iran. Nadeel: politiek ook onrustig

  • 10 BCM is de minimale verwachte aanvoer uit nieuw ontdekte gasvoorraden in het oosten van de Middellandse zee. Nadeel: startdatum nog zeer onzeker, zeker na 2020.

  • 60-276 BCM via LNG terminals. Voordeel is dat dit gas overal ter wereld vandaan kan komen. Nadeel is dat dat ook Amerikaans schaliegas kan zijn. Bovendien maakt Europa zichzelf afhankelijk van de wereldwijde biedingsoorlog die nu al gaande is op LNG. Japan en China betalen nu al makkelijk het dubbele voor LNG dan wat de EU biedt. Voorraden zullen schaarser worden en de prijs zal stijgen. Er is al voldoende capaciteit aan LNG terminals in Europa gebouwd of gepland. Het valt te verwachten dat de lage kant van de aangegeven range het meest waarschijnlijk is.

  • 90 BCM uit Noorwegen. De Noren hopen zelf meer te kunnen produceren tegen die tijd, maar dat is niet gunstig voor de Europese doelen van de Groene EnergieUnie: de extra capaciteit zou voortkomen uit Noorse boringen in het Noordpoolgebied.

We bouwen onze afhankelijkheid van Russisch gas af. Momenteel is dat 161 BCM per jaar, 33% van onze totale gasbehoefte van 452 BCM. In 2035 is onze totale gasbehoefte dankzij besparingen teruggeschroefd naar 233 BCM zodat we in 2050 op 38 BCM uitkomen, waarmee we onder de 2 graden opwarming van de aarde blijven. We hebben dus ruim 21 jaar de tijd om ons gasverbruik nagenoeg te halveren.

Maar het gaat niet alleen om gas, maar om alle energiebronnen. Anders zouden we immers simpelweg kunnen overschakelen op bijvoorbeeld kolen of kernenergie. Zoals eerder uiteengezet is dat onwenselijk. Daarom zetten GroenLinks breed in op flinke energiebesparing in Europa. Daarmee maken we als eerste fossiele energiebron Russisch gas in 2035 overbodig. Daarna zetten we de laatste kernreactor uit in 2040. Tussen 2030 en 2040 zijn kolen nauwelijks meer nodig als energiebron. In 2050 gebruiken we geen olie meer als energiebron en worden kolen en gas alleen nog kleine hoeveelheden in industriële processen ingezet.

Kan dat? Het antwoord is ja, het gebeurt al. Het gasverbruik in Europa daalt gestaag met 1 à 2 procent per jaar, voornamelijk dankzij energiebesparingsmaatregelen23. Met aanvullende maatregelen kunnen we voldoende gas besparen om in 2035 de kraan met Russisch gas dicht te draaien, zonder dat dit het uitfaseren van kolen en kernenergie vertraagt.

De principes achter bestaande afspraken en regels van de Europese Unie zijn redelijk solide en bevatten voldoende basis voor concrete maatregelen om het energieverbruik significant te verminderen. Daarvoor dienen ze wel uitgebouwd, aangescherpt en uitgewerkt te worden en volledig aangewend om het Europese energiesysteem versneld in transitie te brengen. Concreet zijn dit in ieder geval het Europees emissiehandelssysteem ETS; de brandstofkwaliteitsrichtlijn FQD; het Witboek Transport; de Ecodesign- en Energylabelling-richtlijnen; het klimaat- en energiepakket 2030; en de Verordeningen voor CO2-uitstoot en brandstofverbruik van personenauto’s en bestelwagens.

  1. Het Europese emissiehandelssysteem ETS wordt met spoed gerepareerd en in lijn gebracht met het klimaatdoel van maximaal 2 graden opwarming (dus 95% CO2-reductie in 2050). Reducties mogen niet meer buiten Europa gerealiseerd worden (afschaffen Clean Development Mechanism, zonder dat dit ten koste gaat van de armste ontwikkelingslanden). De Europese Commissie kan een minimumprijs voor CO2-rechten instellen als de marktprijs bedrijven onvoldoende prikkelt tot snelle energiebesparingsmaatregelen. Landelijke emissie-autoriteiten worden regiokantoren voor een centrale Europese emissie-autoriteit. Het Europees Parlement krijgt bevoegdheden om toezicht te houden op de prijsstellingen.

  2. De richtlijnen voor Ecodesign en energielabels worden uitgebreid naar alle soorten apparaten, ook industriële apparaten en machines. Daar onder vallen in elk geval ambitieuze Europese normen voor energie-efficiënte industriële apparaten (pompen, motoren, etc) die de industrie helpen nog meer energie te besparen.

  3. De EU-richtlijn over energieprestaties van gebouwen wordt aangescherpt. Niet alleen moeten alle nieuwe gebouwen uiterlijk in 2020 energieneutraal zijn, ook dienen bestaande gebouwen sneller energiezuinig te worden.De Europese Investeringsbank zorgt voor gunstige financiering voor isolatie en andere energiebesparende maatregelen van gebouwen. In de hele EU gaat de BTW voor energiebesparende diensten en producten naar nul.

  4. De transportsector heeft, in tegenstelling tot huishoudens en industrie, de afgelopen jaren veel te weinig vooruitgang geboekt en is zelfs méér (fossiele) energie gaan gebruiken. Daarom krijgt de sector een eigen, aparte aanpak.

    1. het Witboek Transport van de Europese Commissie wordt leidend in de aanpak van de transportsector. De betrokken Directoraten Generaal MOVE, ENERGY en CLIMATE gaan daarvoor zeer nauw samenwerken en zorgen dat voor het eind van 2015 alle ideeën uit het Witboek omgezet zijn in praktische Commissievoorstellen. Het onderliggende principe is de ‘trias energetica’ voor transport: de samenleving zo transport-efficiënt mogelijk organiseren (minder kilometers maken); transport zo energie-efficient mogelijk maken (modal shift en efficiëntienormen); de benodigde energie duurzaam opwekken (electrificatie, brandstofkwaliteitsrichtlijn, biobrandstoffen)24. Belangrijke reeds bestaande EU-wetten, die ook in het Witboek genoemd worden om aan te scherpen, zullen in lijn gebracht worden met de overkoepelende Europese energiereductiedoelstellingen

    2. daarnaast trekken we de lijn die we bij de fossiele energiesector voeren ook door bij de transportsector, dus er gaan geen stimuleringsregelingen, onderzoeksgelden, belastingvrijstellingen, investeringen, staatssteun of wat dan ook meer naar transportmodaliteiten die op fossiele brandstoffen of twijfelachtige biomassa draaien.

    3. de transportsector krijgt (inclusief luchtvaart) een eigen, gespecificeerd en bindend drievoudig doel voor CO2-reductie, aandeel duurzame energie en energiebesparing dat in lijn gebracht wordt met de drievoudige doelen die voor de hele EU gelden. Van 1100 Mton CO2-equivalent in 2008 naar 770 Mton in 2020, 530 Mton in 2030, 290 Mton in 2040 en 70 Mton in 205025. Dit is een reductie van ongeveer 95%.

Zoals in het kader beschreven staat hebben we, om in 2035 de Russische gaskraan te kunnen sluiten, meer gasimporten uit andere regio’s buiten Europa nodig. GroenLinks beseft dat ook hier nadelen aan kleven. De gasinkomsten kunnen terechtkomen bij twijfelachtige regimes in Centraal-Azië. Die vormen echter lang niet zo'n grote bedreiging voor de Europese veiligheid als het Rusland van Poetin. We kiezen hierin, tussen twee kwaden, vóór het beperken van de macht van Rusland.

  1. De TANAP pijpleiding naar de Kaspische zee regio wordt gebouwd, de bouw van SouthStream (een pijpleiding naar Rusland die momenteel in aanbouw is) wordt stilgelegd, zoals ook het Europees Parlement in april 2014 bepleitte26.

  2. Europa investeert in LNG-terminals in Europese havens en zoekt op de wereldmarkt naar betaalbare en zo min mogelijk controversiële LNG bronnen. We proberen zoveel mogelijk in technologieruil te betalen: onze dalende gasbehoefte betalen we met de cleantech die we zelf ontwikkelen.

  3. Missing links van de Europese gasinfrastructuur worden aangelegd om het sluiten van Russische gaskranen mogelijk te maken

  4. Zoals eerder genoemd worden alle investeringen getoetst op nut en noodzaak. Eerst moet maximaal ingezet worden op energiebesparing om onnodige investeringen in fossiele energie te voorkomen.

  5. Zoals eerder genoemd zijn alle investeringen voorzien van een gefinancierd sloopplan

  6. De benodigde investeringen zijn meegenomen in de benodigde €1000 miljard voor de totale energie-infrastructuur (zie keuze 4).

Wat betekent dit in de praktijk?

  1. Bulgarije moet overtuigd worden van het opzeggen van overeenkomsten met Rusland over de aanleg van de SouthStream gasleiding, die via dat land Europa zou binnen komen. Anders blokkeert Bulgarije de besluiten met een veto. Daarvoor dient de EU Sofia concrete toezeggingen te doen over solidariteit bij dreigende gastekorten.

  2. Huizenbezitters, gebouweigenaren en woningcorporaties zullen fors moeten investeren in energiebesparende maatregelen van bestaande gebouwen. Je huis verbouwen met een Europese financieringsregeling wordt normaal. De meest gebruikte aanpassing is isolatie, wat zowel werkt om in het noorden huizen warm als in het zuiden huizen koel te houden. Nieuwe gebouwen zullen anders ontworpen worden, wat te zien zal zijn in dorpen en steden. De bouwsector krijgt door dit alles een impuls, niet omdat er méér gebouwd wordt, maar omdat er maatwerk, aanpassing en vervanging plaatsvindt.

  3. De macht en financiële slagkracht van Rusland wordt ingeperkt, wat gevolgen zal hebben voor geopolitieke verhoudingen. Zodra zij haar vérgaande plannen presenteert voor een Groene EnergieUnie om af te kicken van Russisch gas, zal de EU sterker komen te staan tegenover Poetin. Zij drijft een wig in de clan van oligarchen, deels uit de energiesector, die de steunpilaar vormt van Poetins macht. De EU kan sterker opkomen voor het recht van de Oekraïense burgers om zélf te beslissen over de toekomst van hun land.

Wat is de eerste stap?

De Europese Unie zal enerzijds moeten besluiten eensgezind naar buiten te willen treden en anderzijds haar eigen energiebeleid in lijn te brengen met klimaatdoelstellingen. Deze twee processen gaan gelijk op en kennen een gezamenlijke eerste stap: een Europese Groene Energietop waarin zowel naar binnen als naar buiten vastberadenheid en concrete plannen worden gepresenteerd. GroenLinks zal vanuit het Europees Parlement initiatief nemen voor zo’n Groene Energietop. Het plan dat de Europese Commissie op dit moment schrijft voor grotere Europese energie-onafhankelijkheid kan voor momentum zorgen.

Keuze 4: Burgers profiteren, bedrijven investeren

Er zijn enorme investeringen gemoeid met het besparen van grote hoeveelheden energie, het aanpassen van de Europese energie-infrastructuur, en het installeren van voldoende opwekkingscapaciteit voor duurzame energie. En er is ook veel winst te halen uit de besparingen, het bouwen en beheren van cruciale infrastructuur en opwekken van gewilde energie. Het huidige energiesysteem werpt hoge drempels op voor particulieren, kleine collectieven of startende bedrijven die duurzame energie op de markt willen brengen. Energiebedrijven en netbeheerders zijn eigenlijk nog maar recentelijk ontvlecht en worden in Europa in verschillende mate geprivatiseerd.

Zowel de infrastructuur als vele verouderde energiecentrales zijn (zelfs los van de verduurzamingsopgave) aan vervanging of uitbreiding toe. Voor deze upgrade zijn sowieso enorme bedragen nodig (zie verderop). Doen we dit op de ouderwetse manier, dan creëren we een lock-in27: we zadelen onszelf voor decennia op met grootschalige, centrale energiecentrales die alleen maar op eindige brandstoffen kunnen draaien.

Het is daarom cruciaal dat de upgrade aan de Europese energienetwerken met een vooraf opgezet plan gericht wordt op duurzame energieopwekking28, want zo’n lock-in maakt Europa alleen maar meer afhankelijk van steeds schaarser wordende fossiele bronnen uit politiek instabiele regio’s. Door vooraf ruimte te scheppen voor kleinschalige en duurzame energiebronnen zijn de extra kosten om van deze upgrade een groene upgrade te maken minimaal en maken we onszelf minder afhankelijk van de stijgende prijs van schaarse fossiele bronnen.

Bovendien zorgt een energiesysteem gericht op decentrale kleinschaligheid voor een betere verdeling van lusten en lasten. Mensen hebben zelf meer controle omdat ze hun eigen energie (grotendeels) zelf opwekken. Ze hebben een belang bij een goed functionerend energienetwerk waarop ze stroom kunnen kopen en verkopen. Wind- en zonnecoöperaties zijn betrokken bij de duurzame mini-centrales in hun eigen buurt en springen zuinig en zorgvuldig om met de energie die ze daarmee opwekken omdat ze daar meer financieel voordeel uit halen. Daarmee wordt niet alleen het Europese energienetwerk zelf, maar ook de macht die erbij hoort gedecentraliseerd en gedemocratiseerd. Daarmee voorkómen we dat het vergroenen van de Europese energienetwerken afgewenteld wordt op de belastingbetaler of kleinverbruikers van energie: zij zijn immers niet alleen afhankelijke klanten, maar actieve participanten. We leren daarin van de fouten van de Duitse Energiewende onder bondskanselier Merkel, waar nu nog vooral particuliere energieverbruikers voor de kosten opdraaien.

Wat wil GroenLinks concreet?

GroenLinks wil dat er een uitgewerkte begroting en een financieringsplan komt voor de groene energietransitie. De begroting dekt de herinrichting van de Europese energie-infrastructuur en het realiseren van voldoende duurzame opwekkingscapaciteit. Het investeringsplan bevat een ambitieuze, realistische en vooral eerlijke mix van garantstellingen en investeringen door overheden en private partijen. Principes van ‘social enterprise’ staan aan de basis van de nieuwe Europese energiemarkt. Mensen worden gestimuleerd zoveel mogelijk energie zelf te besparen én zoveel mogelijk zelf op te wekken.

De (financiële) opbrengsten van grootschalige energiebesparing, een goed georganiseerd en duurzaam Europees energiesysteem en duurzame energie zijn enorm. Maar ze vergen flinke investeringen vooraf. De Europese Investeringsbank (EIB) wordt ingezet om deze voorinvesteringen op gang te krijgen. Er komen investeringsprogramma’s voor zowel energiebesparing als energie-infrastructuur en duurzame opwekkingscapaciteit. In lijn met het doel van de Groene EnergieUnie om burgers meer macht te geven zijn deze investeringsprogramma’s nadrukkelijk ook toegankelijk voor kleinschalige en lokale initiatieven en zelfs voor particulieren.

  1. GroenLinks schat de begroting zo beredeneerd mogelijk in:

    1. voor de noodzakelijke infrastructuur-upgrade is tot en met 2050 jaarlijks tussen de 37 en 41 miljard euro nodig. Het grid ook verduurzamen en geschikt maken voor decentrale energieopwekking kost niet veel extra: tussen de 5 en 11 miljard euro per jaar. Dat levert allerlei bijkomende voordelen op: werkgelegenheid en grotere bereidheid van huishoudens om te investeren in energiebesparing en duurzame energieopwekking29. Elke euro die hier uitgegeven wordt, komt weer terecht bij de bedrijven in Europa die het werk uitvoeren. Het geld verdwijnt niet naar buiten het continent, zoals wanneer je energiebronnen van buiten Europa haalt.

    2. voor het installeren van voldoende opwekkingscapaciteit duurzame elektriciteit schatten we dat er zo’n 300-400 miljard euro nodig is tussen nu en 205030. Hierin is biomassa nog niet meegenomen

  2. De begroting financieren we uit
    1. de opbrengst van het gerepareerde ETS, opbrengsten uit de winstbelasting op fossiele activiteiten van energiebedrijven en de extra winstbelasting op het winnen van voorraden die onder de carbon bubble vallen
    2. besparing door afnemende energieimport, geraamd op €130 miljard per jaar in 2020, €260 miljard per jaar in 2030, €455 miljard per jaar in 205031
  3. Bedrijven passen de Europese oplossingen en toepassingen ook elders in de wereld toe, waar immers vergelijkbare uitdagingen liggen om het energiesysteem te verduurzamen. We verwachten dat bedrijven de opbrengsten investeren in Europese banen en nieuwe exporteerbare oplossingen.

Wat betekent dit in de praktijk?

  1. De Europese Unie gaat daadkracht en durf tonen. Naar buiten toe om Rusland te laten zien dat de Europese Unie zich niet laat koeioneren. En naar binnen toe omdat krachtig politiek besluit over de Groene EnergieUnie investeringszekerheid geeft.

  2. Daadkracht en durf worden omgezet in tot voor kort onvoorstelbare snelle besluitvorming. Zo komt er een grote wijziging op de onlangs beklonken Europese begroting 2014-2020. Daarmee wordt versneld investeringskracht opgebouwd voor de uitwerking van de Groene EnergieUnie.

  3. De Europese Investeringsbank krijgt van lidstaten het mandaat om garantstellingen en leningen mogelijk te maken. Of doet dat in elk geval in opdracht van de lidstaten van de kopgroep. De Europese financiële instituties worden aangewend om de Groene EnergieUnie werkelijkheid te maken.

Wat is de eerste stap?

Aan de Groene EnergieUnie hangt een grote investeringsagenda en dat vraagt om nauwe Europese samenwerking. Het valt te betwijfelen of de EU de benodigde besluitvorming snel genoeg rond zal krijgen om de hele Europese Unie snel genoeg mee te krijgen. De kopgroep van samenwerkende lidstaten die GroenLinks wil opzetten om de winstbelasting op fossiele activiteiten mogelijk te maken (zie ‘Wat is de eerste stap?’ bij keuze 3), gaat daarom ook een gezamenlijke investeringsagenda opstellen en uitvoeren. GroenLinks gaat er bij de geïnteresseerde lidstaten en de Europese Commissie op aandringen dat er zo snel mogelijk een gedetailleerd inzicht in keuzes, kosten en financieringsopties komt.

3. Welke weg kiest Nederland?

Nederland loopt binnen de Europese Unie tegenwoordig achter op het gebied van duurzaam energiebeleid. Het Energieakkoord dat in 2013 gesloten is een grote stap voorwaarts, maar tegelijk een sterk vertraagde uitwerking van Europese afspraken voor 2020. Daardoor is de tijdsdruk en het ambitieniveau voor de uitvoering van het Energieakkoord hoog, terwijl het inhoudelijke ambitieniveau van het Energieakkoord achterloopt. Er is, kortom, veel méér nodig dan in het Energieakkoord staat, willen we voldoen aan ons aandeel om binnen de twee graden opwarming van de aarde te blijven. Binnen enkele jaren, nog voor het Energieakkoord goed en wel gerealiseerd is, zullen er aanvullende Energieakkoorden gesloten moeten worden, in het kader van een Europese Groene EnergieUnie.

Nederland heeft een eigen keuze te maken: hoe willen we met de situatie, de uitdagingen omgaan? De regering zou kunnen zeggen dat de uitvoering van het Energieakkoord voorlopig wel even ambitieus genoeg is en alle energie daar in steken.

Dat is niet de weg die GroenLinks wil bewandelen. Nederland zou een keuze moeten maken om weer voorop te willen lopen in ambitieus energie- en klimaatbeleid. Dat levert banen op, een dalende energierekening en ook nog minder afhankelijkheid van de grillen van buitenlandse energieleveranciers als Poetin.

GroenLinks ziet Nederland graag naar voren treden als daadkrachtige initiatiefnemer van de Groene EnergieUnie. De timing daarvoor is perfect voor Nederland om een leidende rol op zich te nemen.

  • dit najaar wordt, naar aanleiding van de Europese verkiezingen, een nieuwe Europese Commissie gekozen. Een sterke, pro-Europese Nederlandse kandidaat kan, ongeacht de post die hij of zij uiteindelijk bekleedt, bijdragen om versterkte Europese samenwerking op energiegebied te stimuleren. Want de Groene EnergieUnie raakt aan bijna alle facetten van de Europese Unie (landbouw, energie, milieu, financiën, interne markt, innovatie, digitale markt, etc);

  • Nederland kan het initatief nemen voor een Eurotop over de Groene EnergieUnie;

  • vanaf januari 2016 is Nederland een half jaar lang voorzitter van de Europese Unie. Het voorzitterschap levert de kans om nieuwe, serieuze voorstellen te doen;

  • Nederland kan allerlei studies en onderzoeken inzetten die de discussie over de Groene EnergieUnie op gang brengen en voorzien van onderbouwde cijfers.

Voetnoten

  1. http://www.oeko.de/en/publications/p-details/the-vision-scenario-for-the-european-union-2011-update-for-the-eu-27/, p. 16
  2. http://www.dlr.de/tt/Portaldata/41/Resources/dokumente/institut/system/projects/TRANS-CSP_Full_Report_Final.pdf, pagina 59.
  3. http://www.oeko.de/en/publications/p-details/the-vision-scenario-for-the-european-union-2011-update-for-the-eu-27/
  4. zie bijlage I voor de volledige tekst over energie uit het Werkingsverdrag
  5. http://www.nu.nl/oekraine/3747790/kabinet-annuleert-handelsmissie-rusland-oekraine.html
  6. http://ipcc-wg2.gov/AR5/
  7. http://www.nieuws.nl/economie/20140428/Nederlandse-olieraffinaderijen-op-de-schop
  8. http://www.reuters.com/article/2014/04/10/us-ukraine-crisis-russia-gas-idUSBREA3913C20140410
  9. http://www.bothends.org/nl/Publicaties/document/113/De-Prijs-van-Gas
  10. http://www.npo.nl/gas-in-ieder-hollands-huis-reclame-spot/27-12-2010/WO_VPRO_041653
  11. http://www.rekenkamer.nl/Publicaties/Onderzoeksrapporten/Introducties/2012/06/Gasrotonde_nut_noodzaak_en_risico_s
  12. http://www.greens-efa.eu/deflating-the-financial-carbon-bubble-11633.html
  13. http://www.oeko.de/oekodoc/1113/2011-004-en.pdf, pagina 23
  14. https://www.milieudefensie.nl/veevoer/publicaties?b_start:int=4
  15. http://www.roadmap2050.eu/attachments/files/Volume1_fullreport_PressPack.pdf pagina 87
  16. Op basis van de artikelen 326 t/m 334 van het Werkingsverdrag
  17. http://www.bothends.org/nl/Publicaties/document/113/De-Prijs-van-Gas
  18. http://www.eia.gov/countries/cab.cfm?fips=rs
  19. http://www.bloomberg.com/news/2014-03-04/europe-gas-stockpiles-seen-enough-for-45-day-ukraine-supply-cut.html
  20. http://epp.eurostat.ec.europa.eu/statistics_explained/index.php?title=File:EU-27_imports_of_natural_gas_-_percentage_of_extra-EU_imports_by_country_of_origin,_2012.png&filetimestamp=20130529121346
  21. http://www.oeko.de/oekodoc/1113/2011-004-en.pdf, pagina 64 tabel A-7
  22. http://www.oeko.de/oekodoc/1113/2011-004-en.pdf, pagina 64 tabel A-8
  23. http://www.bothends.org/nl/Publicaties/document/113/De-Prijs-van-Gas en http://www.iea.org/newsroomandevents/news/2013/may/name,37375,en.html
  24. http://ec.europa.eu/transport/themes/strategies/2011_white_paper_en.htm
  25. http://www.oeko.de/oekodoc/1113/2011-004-en.pdf pagina 65 tabel A-9
  26. http://www.euractiv.com/sections/europes-east/socialists-reject-russian-motion-over-south-stream-301644
  27. http://bureaudehelling.nl/publicatie/schetsen-van-een-nieuwe-economie hoofdstuk 10 en http://www.volkskrant.nl/vk/nl/3184/opinie/article/detail/3583198/2014/01/24/We-moeten-af-van-de-verslaving-aan-fossiele-grondstoffen.dhtml
  28. http://www.boell.eu/sites/default/files/hbs-eu_renewables_web.pdf
  29. Impact assessment Europese Commissie, pagina 78-79, http://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/ALL/;jsessionid=LPvZTyNF1mG1tb5GSxKJPsWrVw2h84zRHh108nzjktp20dFJ5zwv!413646683?uri=CELEX:52014SC0015
  30. benodigde capaciteit per opwekkingsvorm uit http://www.oeko.de/oekodoc/1113/2011-004-en.pdf, pagina 63 tabel A-6, investeringsprijs per kWh op basis van US Department of Energy
  31. http://www.oeko.de/oekodoc/1113/2011-004-en.pdf, pagina 40